Het is september 1941. Twee briljante nucleaire wetenschappers treffen elkaar in het bezette Kopenhagen: de halfjoodse Niels Bohr en de Duitser Werner Heisenberg. Wat de mannen bindt is vriendschap, ambitie en de splitsing van een atoom. Ze worden echter van elkaar gescheiden door afkomst en oorlog. Tot op de dag van vandaag is die ontmoeting met een waas van geheimzinnigheid omgeven. Heeft Heisenberg, na overleg met Bohr, voorkomen dat de nazi`s de Tweede Wereldoorlog zouden beslechten met een atoombom? Of was het uitblijven van dat beslissende wapen enkel te wijten aan zijn onvermogen?